Baanbeheerder Paul Roobeek

Bij de Algemene Leden Vergadering van 24 november jongstleden, ben ik door Roel Visser geïntroduceerd als baanbeheerder. Omdat ik vanuit mijn taken als ex-WOC-lid en klusser vaak zie dat er niet zorgvuldig met het complex wordt omgegaan, heb ik op deze nieuwe functie aangedrongen.

Waar ik als baanbeheerder naar toe wil is dat baangebruikers:

  • Een ordentelijke baan aantreffen;
  • Materialen aantreffen op de juiste plaats, in de juiste ruimte;
  • Materialen na gebruik op de juiste plaats terugzetten;
  • De baan ordentelijk achterlaten;
  • Materiaalruimtes en baan afsluiten.

Kortom: laat het complex achter zoals je het hebt aangetroffen. Ik heb er legio voorbeelden van dat dit geen vanzelfsprekendheid is met frustraties en onnodige kosten als gevolg..

Daarvoor moet ik zicht hebben op:

  • Wie op welke dagen/uren de baan gebruikt;
  • Wie op welke dagen/uren welke materialen nodig heeft;
  • Aan wie materiaal (extern) wordt uitgeleend, staat van het materiaal.

Dit raakt de functies baanverhuur , sleutelbeheer, materiaalbeheer en gebouwenbeheer. De baanbeheerder hoeft niet alle bij deze functies behorende taken zelf uit te voeren, zicht hebben op en afstemming is wel belangrijk.

Als baanbeheerder neem ik de verantwoordelijkheid op me zorg te dragen voor de zaken waar baangebruikers geen invloed op hebben. Ik wil daarop aangesproken worden. Mijn zorgpunten zijn o.a.:

  • Benodigde verlichting en sanitair werkt door zelf te repareren of derden in te schakelen;
  • Bezems, harken, vaatdoeken etc. ter beschikking te stellen, zodat gebruikers gereedschappen hebben de baan en ruimtes weer ordentelijk achter te laten;
  • Manco’s aan het complex liefst zelf te signaleren, klachten van gebruikers in ontvangst te nemen en hierop actie te ondernemen.

Van baangebruikers verwacht ik dat zij hun verantwoordelijkheid nemen en zorgvuldig met de verenigingseigendommen omgaan. Van het bestuur heb ik het mandaat gekregen gebruikers op hun verantwoordelijkheden aan te spreken. Ik denk aan:

  • Het aanvegen / aanharken van de verspringbakken;
  • Het vastbinden van de overkappingen bij (polsstok)hoogspringen;
  • Het dichten van de kraters op het middenterrein ontstaan bij het kogelslingeren.

Voorbeelden van wat niet meer mag gebeuren:

  • Het “lenen” van de barbecue uit de zeecontainer zonder daar iemand van in kennis te stellen en deze 3 weken later terug te zetten achter het clubhuis bij het oud ijzer;
  • Het gebruiken van honderden meters touw uit de werkplaats bedoeld om speren te omwikkelen (40 cent per meter) voor een spelletje en na afloop in de container te gooien.

Paul Roobeek
M: 06 4609 2868 / E: baanbeheerder@av34.nl